Berichten

vragenlijst

Selfmanagement Ability Scale

Doel

Een zelfrapportage instrument voor het meten van zelfmanagementvaardigheden: De SMAS-18 en de SMAS-30.

Toelichting

De SMAS-30 meet zes zelfmanagementvaardigheden bij ouderen zowel afzonderlijk als in een totaalscore. Het betreft een zelfrapportage instrument. De periode waarover gevraagd wordt kan variëren, bijvoorbeeld de laatste maand of de laatste drie maanden. Zes subschalen worden onderscheiden van elk vijf items:

  • Initiatief nemen,
  • Self-efficacy,
  • Investeren,
  • Perspectief,
  • Multifunctionaliteit,
  • Variëteit

Het instrument is ontwikkeld om te bepalen of ouderen in aanmerking komen voor een cursus op het gebied van zelfmanagement (GRIP en GLANS cursussen voor kwetsbare ouderen) en of deze  cursussen voor ouderen leiden tot een toename in zelfmanagementvaardigheden. Verder is het instrument voor zover bekend niet gebruikt om tot doelgroepensegmentatie te komen binnen de zorg.

Uitgebreide toelichting

Doelgroep(en)

Kwetsbare ouderen en diverse groepen chronisch zieken

Validatie en effectiviteit

Betrouwbaarheid en validiteit is goed zowel van de SMAS-30 als SMAS-18

Training / opleiding zorgverlener gewenst

Vorm

Vragenlijst met stellingen en 6 puntsschaal van ‘nooit tot heel vaak’

Waar te vinden?

SMAS 30 – vragenlijst

Kosten instrument

Ontwikkeld door /contactpersoon

Nardi Steverink, Universiteit Groningen

Achtergrondinformatie over de ontwikkeling:
De gedachte is dat goede zelfmanagementvaardigheden ouderen beter in staat stellen om zo lang mogelijk de regie over hun leven te houden en welbevinden te creëren en te behouden. De zelfmanagement-vaardigheden zijn gerelateerd aan de dimensies van welbevinden zoals die beschreven zijn in de theorie van zelfmanagement van welbevinden. (Steverink et a;., 2005)

Organisaties die werken met methode / instrument

Nardi Steverink heeft, samen met anderen het GRIP&GLANS® Programma ontwikkeld. Het GRIP&GLANS Programma richt zich op het versterken van de eigen regie (GRIP) en het welbevinden (GLANS) van mensen in de tweede levenshelft. Het programma omvat zowel fundamenteel onderzoek als het toepassen en implementeren in de praktijk van de onderzoeksresultaten. Binnen het GRIP&GLANS® Programma zijn tot nu toe twee cursussen ontwikkeld, die wetenschappelijk zijn geëvalueerd en effectief gebleken, namelijk:

  • De GRIP&GLANS huisbezoeken, voor kwetsbare oudere mannen en vrouwen
  • De GRIP&GLANS groepscursus, voor sociaal kwetsbare 55+ vrouwen

Voor meer informatie zie website van N Steverink en de website Grip&Glans

Voorbeelden, succes- en faalfactoren uit de praktijk

Datum van bijwerken /plaatsing instrument

Bijgewerkt juli 2017: met informatie NIVEL ‘Inventarisatie meetinstrumenten zelfmanagementondersteuning’

methode

Nijmegen Clinical Screening Instrument (NCSI)

Doel

De NCSI-methode biedt een verdiepende en gedetailleerde analyses van de integrale gezondheidstoestand, de ziektelast en de mate van adaptatie aan de ziekte. De NCSI-interventie helpt bij het formuleren van een individueel zorgplan, het motiveren van de patiënt tot gedragsverandering en het handelen van de verschillende zorgverleners beter op elkaar af te stemmen. Dit alles is de basis voor een goede adaptatie aan de ziekte en daarmee het verminderen van de ziektelast.

Toelichting instrument

Het instrument omvat drie componenten:

  1. meten van integrale gezondheidstoestand;
  2. interventie voor vaststellen individuele behandeldoelen en motiveren van patiënt voor gedragsverandering door POH of verpleegkundige;
  3. monitoring/ follow-up; korte onlinevragenlijst (15 à 20 minuten) in te vullen bij huisarts, poliklinisch of thuis;
    De resultaten worden direct grafisch weergegeven in patientprofielkaart; per sub domein van de integrale gezondheidstoestand is score van patient zichtbaar door bolletje in kolommen die onderverdeeld zijn in groen (normaal functioneren), geel (geringe problemen) en rood (ernstige problemen. Eenvoudig te interpreteren door patiënt en hulpverlener; in interventie wordt patientprofielkaart met patiënt besproken (30 minuten).

De NCSI kan regelmatig afgenomen worden om integrale gezondheidstoestand te monitoren. Door het bespreken van patiëntprofielkaart komen onderliggende oorzaken van problemen boven tafel die op profielkaart letterlijk zichtbaar zijn. Biedt met name inzicht in adaptieproblemen zowel voor patiënt als zorgverlener; inzicht in oorzaken is essentieel voor bieden van zorg op maat.

Doelgroep(en)

COPD

Validatie en effectiviteit

In 91% van de gevallen voorspelt NCSI monitor correct ‘pluis/niet pluis’ situatie; instrument wordt inmiddels 9 jaar in klinische praktijk gebruikt; waardevol voor longverpleegkundigen om patiënten met problemen in integrale gezondheidstoestand vroegtijdig te identificeren, zorg op maat te bieden en patiënt te motiveren voor aanvullende behandelopties (1e, 2e, 3e lijn)/ betere adaptie aan ziekte;
NCSI helpt de patiënt op juiste plek in zorgketen te krijgen; door vroegtijdige signalering helpt NCSI voorkomen dat patiënt naar duurdere 2e en 3e lijn gaat.

Artikel: A simple method to enable patient-tailored treatment and to motivate the patient to change behaviour

Training / opleiding zorgverlener gewenst

Scholing gewenst

Vorm

Vragenlijst / internet applicatie.
NCS monitor is hiervoor ontwikkeld (8 vragen via internet applicatie). Hierdoor krijg je een oordeel ‘pluis’, ‘niet pluis’. Alleen bij ‘niet pluis’ wordt de volledige NCSI afgenomen.

Waar te vinden?

Folder NCSI-methode J Vercoulen juli 2014

Kosten instrument

Ontwikkeld door /contactpersoon

Radboud Universiteit Nijmegen, Medische Psychologie; Dr. Jan Vercoulen, 024-3616805

Achtergrond:
Gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek en toetsing in klinische praktijk; Integrale gezondheidstoestand COPD omvat FEV1, BMI, ernst vermoeidheid, ernst, hinder en frequentie benauwdheid, emoties (angst/ frustratie), beperkingen (thuis, bij het lopen en qua beleving), mate van somberheid en tevredenheid (algemeen, lichamelijk, toekomst en sociaal).

Organisaties die werken met methode / instrument

Voorbeelden, succes- en faalfactoren uit de praktijk

Artikel uit Huisarts en Wetenschap (juni 2016): De NCSI-methode: maatwerk voor COPD-zorg

Datum van bijwerken /plaatsing instrument

Bijgewerkt juli 2017: met informatie NIVEL ‘Inventarisatie meetinstrumenten zelfmanagementondersteuning’

vragenlijst

Tailored Adherence and Self-Management Abilities (TASMAN)

Doel

De vragenlijst geeft een snel inzicht voor patiënt en zorgverlener of patiënt in staat is tot zelfmanagement en welk aspect (coping of self-effiacy) verbeterd dient te worden.
De TASMAN vragenlijst bestaat uit twee componenten/ denkbeelden over de eigen rol in gezondheid: Self-effiacy en coping. Deze zijn gekozen omdat dit beïnvloedbaar gedrag is. Patiënten die wel en niet in staat zijn tot zelfmanagement.

Toelichting instrument

Het instrument is gebaseerd op de (General Self-efficacy scale) en UPCC (Utrecht Proactive Coping Competencies). De vragen uit deze lijsten die het best correleerde met de SMAS-30 (self-Management Ability Scale) werden geselecteerd en vormen de TASMAN vragenlijst

Doelgroep(en)

COPD

Validatie en effectiviteit

Theoretische / wetenschappelijke onderbouwing: Zelfregulatiemodel van Howard Leventhal en sociale-cognitie theorie van Bandura vormen de theoretische basis. Vooral bedoeld om adherence te verbeteren.

Gevalideerd bij mensen met COPD.
In een vervolgonderzoek zal dit instrument ook gevalideerd worden bij astma en diabetespatiënten. Dit is nog in ontwikkeling. Het is de bedoeling dat in vervolgonderzoek een afkappunt vastgesteld wordt die de patiënt in ‘goed/slecht’ zelfmanagement verdeeld, gebaseerd op de score in de TASMAN vragenlijst.

Training / opleiding zorgverlener gewenst

Vorm

Vragenlijst

Waar te vinden?

TASMAN vragenlijst

Kosten instrument

Ontwikkeld door /contactpersoon

TASMAN ontwikkeld door Boehringer Ingelheim.
Contactpersoon: Maarten Voorhaar

Organisaties die werken met methode / instrument

Voorbeelden, succes- en faalfactoren uit de praktijk

Datum van bijwerken /plaatsing instrument

Bijgewerkt juli 2017: met informatie NIVEL ‘Inventarisatie meetinstrumenten zelfmanagementondersteuning’

patientprofiel

Brand Strategie Research-Model

Doel

Doelgroepsegmentatie in 8 profielen vindt plaats samen met zorgverleners via het Brand Strategie Research-model (BSR). Het BSR-model verkent en structureert de achterliggende waarden, behoeften en motieven en daaruit voortkomend gedrag van mensen binnen een bepaald domein van de zorg;

Toelichting instrument

8 profielen die variëren op twee dimensies: Extravert- Introvert en Ik-gericht -Wij gericht.

  1. Ontkennend. Geloven ineen wonder; gaan over grenzen
  2. Optimistisch; delen van leed; ongecompliceerd; gebruik maken van anderen;
  3. Weinig verwachtingen, overgave aan afhankelijkheid, wil graag ergens bij horen;
  4. Bescheidenheid; wil anderen niet lastig vallen; kiest voor bekende
  5. Angstig, verlies van zelfcontrole, preventief
  6. Kritisch, zoveel mogelijk informatie, bang voor verlies identiteit
  7. Leidend; bepaalt zelf; verwacht state-of-the-art. Klant is koning
  8. Pragmatisch. Gaat op zoek naar oplossing om onafhankelijk te blijven. Laat zich niet beperken.

Voor zorgverlener herkenbare profielen van patiënten die variëren op:

  • mate waarin patienten zelf op zoek gaan naar ondersteuning
  • mate waarin zij behoefte hebben aan professionele ondersteuning
  • mate waarin ze behoefte hebben aan ondersteuning eigen sociale omgeving.

Geven daarnaast inzicht in persoonlijke situatie, hoe mensen omgaan met zorg, wat grootste frustraties en valkuilen zijn. Op basis van zorgbehoeften wordt passend zorgaanbod gedaan.

Doelgroep(en)

COPD
Diabetes
Hart- en vaatziekten

Validatie en effectiviteit

Gevalideerd in het buitenland.
Mate van validatie binnen de zorg hier in Nederland op basis van beschikbare gegevens is onduidelijk.

Training / opleiding zorgverlener gewenst

Vorm

Branddoctors Mixe introduceert het model binnen een organisatie en legt de 8 profielen uit. Patiënten worden ingedeeld op basis van eerdere ervaringen met de patiënt en eventueel aanvullende vragen tijdens een consult die door Mixe worden geleverd. Het gaat er om dat patiënten voor zorgverleners in herkenbare groepen kunnen worden verdeeld die specifieke aandacht, zorg en begeleiding nodig hebben. Gegeven de profielen werken zorgverleners samen met Mixe zorgpaden uit.

Waar te vinden?

Website SAMR

Kosten instrument

Ontwikkeld door /contactpersoon

Ontwikkeld door: Smartagent Compagny

Het BSR model is wereldwijd gebruikt en gevalideerd en in Nederland door Mixe toegepast op de zorg, gebaseerd op bestaande info en ervaringen van patiënten en zorgverleners; identificatie van kritieke momenten per profiel waar ondersteuning nodig is en waar dus ook zelfzorg kan worden toegepast.
Centraal in deze methodiek is dat segmentatie vindt plaats door zorgverleners waardoor zij gaan werken met voor hen herkenbare profielen.

Organisaties die werken met methode / instrument

Voorbeelden, succes- en faalfactoren uit de praktijk

Datum van bijwerken /plaatsing instrument

Bijgewerkt juli 2017: met informatie NIVEL ‘Inventarisatie meetinstrumenten zelfmanagementondersteuning’

methode

4-bollen model

Doel

Het 4-bollen model ondersteunt de patiënt en de professional bij het verkennen van het patiëntperspectief op de huidige en de gewenste situatie van de patiënt, het is een hulpmiddel om als zorgverlener samen met de patiënt doelen op te stellen.

Toelichting instrument

Het model ondersteunt de zorgverlener om de patiënt zijn verhaal te vertellen en kan bijdragen aan reflectie op de eigen situatie. Daarmee is het een opstap naar het stellen van persoonsgerichte doelen.  Met het model wordt situatie patiënt geexploreerd op 4 gebieden: Gezondheid omvat medische (lichamelijke en mentale) klachten die de patiënt ervaart/ zijn perceptie op wat belangrijk is voor zijn gezondheid en wat hij eventueel zou willen veranderen als het gaat om gezondheid; Activiteiten gaat over dagelijkse activiteiten, ervaart patiënt belemmeringen en waarvoor zijn oplossingen nodig? Mijn manier  handelt over manier waarop patiënt tot nu toe tot oplossingen komt en welke ondersteuning hij/zij nodig heeft; Mijn omgeving betreft ondersteuning die patiënt nodig heeft en ervaart van de (sociale en fysieke) omgeving.

Daarnaast moet rekening gehouden worden met de bereidheid en mogelijkheden van patiënten om doelen te bereiken. Hiervoor wordt het patiëntmodel ‘Van weerstand naar gezonde eigen regie’ met het Bloem/stalpers profiel als hulpmiddel gebruikt. Het patiëntmodel beschrijft vier patiëntprofielen, geeft handvatten voor bepaling van het patiëntprofiel en voor het aanpassen van de werkwijze van de zorgverlener op het type patiënt, inclusief het herkennen van weerstanden bij patiënten en zichzelf en deze functioneel om te buigen / in te zetten. Het is een vragenlijst van twintig vragen om eenvoudig en doeltreffend het patiëntprofiel van de patiënt te kunnen bepalen. De zorgverlener krijgt handvatten op basis van vragenlijst: wie is hij/zij, welk gedrag past hierbij, wat zijn de valkuilen, welke benadering en aanpak heeft de patiënt nodig om in beweging te komen en welk resultaat is te bereiken?

  • Hoe in de praktijk te gebruiken: Structuur van het gesprek – gezamenlijke besluitvorming:
    – Bespreken van het doel en wederzijdse verwachtingen
    – Exploreren van het verhaal van de patiënt
    – De patiënt informeren vanuit professioneel oogpunt
    – Samen doelen formuleren
    – Van doelen naar acties
    Het model wordt vooral gebruikt bij de stap van exploreren en doelen stellen.
  • Benodigde tijd:
    Zorgverlener voert het gesprek aan de hand van de 4-bollen in 1 of meerdere consulten, afhankelijk van de patiënt en diens situatie kan dit variëren.

Doelgroep(en)

Generiek
Volwassenen
Patiënten met 1 of meer chronische aandoeningen of complexe zorgvragen

Validatie en effectiviteit

Uit pilot onderzoeken (2016) blijkt dat de integratie van De Coachende zorgprofessional, patiëntprofielen, handreiking en het 4 bollenmodel een praktisch, plezierige, toepasbare manier van werken is met als resultaat behandelingen/doelen welke passen binnen de wensen/verwachtingen en (on) mogelijkheden van de patiënt en de medische wetenschap.
Het model ‘van weerstand naar gezonde regie’ is voortgekomen uit wetenschappelijk onderzoek van Bloem/Stalpers. De vragenlijst met twintig items is nog niet gevalideerd, maar wordt aan de hand van ervaringen uit de praktijk getoetst en bijgesteld (2016).

Training / opleiding zorgverlener gewenst

Scholing gewenst: zie o.a. De coachende praktijkondersteuner

Er is een training ontwikkeld voor huisartsen en POHers om handreiking, 4-bollenmodel en Bloem/Stalpers profiel toe te passen en zo tot ondersteuning op maat te komen met juiste coachende vaardigheden.

Vorm

Uit te printen op A3 of A4 formaat. Op de 4-bollen kunnen aantekeningen worden gemaakt.
A4 met overzicht van de 4-bollen met hulpvragen voor de zorgverlener.

Waar te vinden?

Ontwikkeld door /contactpersoon

Het4-bollen model is gebaseerd op de domeinen van de ‘International Classification of Funtioning, Disability and Health’ (ICF) een raamwerk voor gezondheid en menselijk functioneren, ontwikkeld door de World Health Organisation (WHO). De ICF-domeinen zijn vereenvoudigd en visueel weergegeven.

Organisaties die werken met methode / instrument

Zorggroep Cohesie
Bureau Dubois&vanRij

Voorbeelden, succes- en faalfactoren uit de praktijk

Citaten over het 4-bollen model van deelnemers van de  pilot studie.

Aanvullende informatie uit Nivel inventarisatie:

Door handreiking en het hulpmiddel 4-bollen model kunnen patiënt en zorgprofessional samen doelen stellen en keuzes maken binnen mogelijkheden en onmogelijkheden van een patiënt. Dit is echter niet voldoende! Motivatie om iets aan de doelstellingen te doen moet ook meegenomen worden!

Met behulp van Bloem/Stalpers profiel worden 4 typen patiënten onderscheiden op basis van huidig gedrag, gepercipieerde valkuilen en weerstanden zodat begeleiding/ sturing van de professional op maat kan worden geboden bij bereiken van doelen. Profiel is gebaseerd op twee variabelen: mate van veronderstelde controle en mate van acceptatie en staan los van andere determinanten als leeftijd, opleiding lage SES etc.

De 4 profielen zijn:

  • Type 1: zelfbewust – autonoom;
  • Type 2: zoekende;
  • Type 3: weerstand;
  • Type 4: weinig bereidwillig om.
    Het profiel bepaalt welke coachende vaardigheden nodig zijn.

 

Datum van bijwerken /plaatsing instrument

Bijgewerkt juli 2017: met informatie NIVEL ‘Inventarisatie meetinstrumenten zelfmanagementondersteuning’

vragenlijst

ICF-Primary Care (ICF-PC)

Doel

Een instrument waarmee huisartsenpraktijken informatie over het functioneren van een patiënt kunnen achterhalen en complementair aan de medische gegevens in hun ICT-systeem kunnen vastleggen.

Toelichting instrument

De ICF- PC vragenlijst is op basis van de ICF (classificatiesyteem) opgesteld.  Aan de hand van de vragenlijst kan het functioneren en participeren van mensen met een of meerdere chronische ziekten in kaart worden gebracht. De vragenlijst bestaat uit 4 algemene vragen, 13 vragen over functies (geheugen, energie, slapen ed), 5  vragen over in en rond het huis (wassen, eten – drinken), 5 vragen over voorzieningen en hulpmiddelen, 25 vragen over sociale contacten en steun, 5 vragen over werk en vrijwilligerswerk, 9 vragen over persoonlijke eigenschappen en opvattingen en 6 vragen over opvattingen over gezondheid en ziekte.

  • Hoe in de praktijk te gebruiken:
    Een vragenlijst over allerlei onderwerpen in het dagelijks leven. De vragenlijst gaat over onderwerpen die normaal gesproken niet aan bod komen tijdens de reguliere controle. De patiënt kan thuis digitaal de  vragenlijst invullen.
  • Score/uitkomst: Met behulp van kleuren wordt aangegeven hoe de vragen beantwoord zijn (groen, oranje, rood, wit). De oranje en rode onderwerpen zijn mogelijk onderwerpen die de patiënt met de zorgverlener wil bespreken.
  • Benodigde tijd:
    Invullen van de vragenlijst: inschatting 20 minuten

Doelgroep(en)

Generiek
Volwassenen

Validatie en effectiviteit

Bredere uitrol en onderzoek naar de effectiviteit loopt (2015).
Een van de vraagstellingen voor een effectiviteitsonderzoek in een volgende fase is of de exploratie van het GG-domein en het stellen van doelen op GG-gebied een determinant is voor het ziektebeloop en voor de klachtbeleving.

Training / opleiding zorgverlener gewenst

Scholing gewenst

Vorm

Vragenlijst

Waar te vinden?

Bijlage 1 Eindrapportage_ICF_PC

Kosten instrument

Niet bekend

Ontwikkeld door / contactpersoon

Ontwikkeld door: academisch netwerk huisartspraktijken NMP en Vilans met financiële ondersteuning van VGZ.
In 2015 is een ICF-Primary Care (ICF-PC) ter beschikking gekomen.

Organisaties die werken met methode / instrument

Niet bekend

Voorbeelden, succes- en faalfactoren uit de praktijk

Niet bekend

Datum van bijwerken /plaatsing instrument

Bijwerken: februari 2016

methode

ICF Gezondheidsprofiel

Doel

In kaart brengen van het gezondheidsprofiel en daarop van invloed zijnde factoren, zoals de fysieke mogelijkheden van de patiënt en belemmeringen als gevolg van zijn ziekte/aandoening, de individuele persoonskenmerken van de patiënt en de externe factoren (zoals familie en vrienden).

Toelichting instrument

ICF staat voor International Classification of Functioning, Disability and Health. De wereldgezondheidsorganisatie heeft een model ontwikkeld om de gezondheid van het individu te beschrijven (ICF model). Hiermee kunnen de activiteiten, de kennis, het gedrag en de omgevingsfactoren worden beschreven, die bij patiënten verschil kunnen maken. De ICF is een integratie van het medische en het sociale model. De eerste lijn kan gebruikmaken van deze elkaar aanvullende systemen.

  • Hoe in de praktijk te gebruiken:
    In het ICF schema staan per vakje een aantal vragen. Zorgverlener bespreekt tijdens consult verschillende aspecten met de patiënt.
  • Score/uitkomst:
    De antwoorden worden in het corresponderende vakje van een leeg formulier gezet. Vervolgens wordt bekeken welke relaties er bestaan tussen de vakjes en de opgeschreven antwoorden. Het geeft informatie die bruikbaar is bij het coachen en motiveren van de cliënt.
  • Benodigde tijd:
    Doornemen van de verschillende aspecten afhankelijk van de situatie van de patiënt: 20-30 minuten

Doelgroep(en)

Generiek
Volwassenen
Jongeren

Validatie en effectiviteit

Gevalideerd.
Het ICF is een internationaal geaccepteerd classificatiesysteem en sluit aan bij ICPC/ ICD-10

Training / opleiding zorgverlener gewenst

Instructie gewenst

Vorm

Formulier met schematische weergave van te inventariseren factoren

Waar te vinden?

Formulier ICF
Leidraad met voorbeeldvragen

Kosten instrument

Gratis

Ontwikkeld door /contactpersoon

WHO

Organisaties die werken met methode / instrument

Niet bekend

Voorbeelden, succes- en faalfactoren uit de praktijk

Handreiking: ‘Leefstijl en bewegen in de eerste lijn’. Een overzicht van succesvolle praktijkvoorbeelden die u kunt gebruiken om in uw praktijk zorgaanbod te ontwikkelen op het gebied van leefstijl en bewegen. De ICF is onderdeel van de werkwijze.
Zie bv blz 71: ICF-schema met voorbeeldvragen

Datum van bijwerken /plaatsing instrument

Bijwerken: februari 2016

vragenlijst

SeMaS – Self Management Screening

Doel

In kaart brengen bij welke patiënten het zin heeft om in zelfmanagement te investeren en welke zelfmanagementinterventies geschikt zijn voor een bepaalde patiënt. Of iemand in staat is om zelf zijn behandeling te regisseren, hangt af van zijn psychische en fysieke gezondheid, vaardigheden en omgeving. De verwachting is dat mensen die met behulp van SeMaS worden ondersteund, actiever worden in het omgaan met hun ziekte en dat mensen die met SeMaS worden verwezen naar een zelfmanagementinterventie, deze succesvoller zullen doorlopen.

Het helpt praktijkondersteuners in kaart te brengen bij welke patiënten het zin heeft om in zelfmanagement te investeren en welke zelfmanagementinterventies geschikt zijn voor een bepaalde patiënt. Het brengt barrières voor zelfmanagement in kaart. Op basis daarvan zijn er grofweg drie groepen te onderscheiden:

  1. Zelfmanagement kansrijk zonder verdere interventie
  2. Zelfmanagement mogelijk na wegnemen barriere
  3. Zelfmanagement zeer (te?) moeilijk in dit stadium; Zelfmanagement ondersteuning als maatwerk, met name door eventuele barrières eerst weg te nemen.

Toelichting instrument

Een vragenlijst met 26 vragen in tien domeinen. totaal 27 items.
Subcategorieën: opleiding (1 item), belasting van de ziekte (1 item), beheersingsoriëntatie (3 items), eigen effectiviteit (2 items), sociale steun (1 item), copingstijl (9 items), angst (4 items), depressie (3 items) en vaardigheden (computer, groep en zelfverzorging) (3 items).

  • Hoe in de praktijk te gebruiken:
    Gesloten vragen in te vullen door patiënt thuis op papier of via internet.
    Patiënten kunnen de SeMaS-vragenlijst invullen via een link die zij van de zorgverlener krijgen.
  • Score/uitkomst:
    De uitslag, oftewel het patiëntprofiel, kan grafisch worden weergegeven in grotere of kleinere cirkels. Hoe groter de cirkels in het profiel, hoe meer de patiënt in staat zal zijn tot zelfmanagement.
  • Benodigde tijd:
    Invullen vragenlijst: 10-15 minuten

Doelgroep(en)

Generiek
Volwassenen

Validatie en effectiviteit

Theoretische / wetenschappelijke onderbouwing (achtergrond-informatie over ontwikkeling, basisconcepten en theorieën): Items van de  SeMaS zijn gebaseerd op literatuur, focusgroepen met patiënten en professionals en op pilot onderzoek. Bevindingen literatuur (wat is belangrijk voor succesvol zelfmanagement) werden getoetst in focusgroepen. Health literacy werd wel als belangrijk beschouwd maar viel uiteindelijk af om lengte van vragenlijst te beperken.

Criterium validity: redelijk tot goed. Cronbach’s varieerde van .56 tot .87. Auteurs geven aan dat SeMaS een korte gevalideerde vragenlijst is die zicht geeft op barrières voor zelfmanagement die besproken moeten worden met een patiënt. Op die manier kan het bijdragen aan persoonsgerichte zorg en zelfmanagement ondersteuning op maat.

Gevalideerd bij patiënten met een chronische aandoening in de huisartsenpraktijken van Zorggroep DOH.
Artikel november 2015: Validation of Self-Management Screening (SeMaS), a tool to facilitate personalised counselling and support of patients with chronic diseases

Een recente evaluatiestudie van een RCT in 15 praktijken onder diverse groepen chronisch zieken (2016) liet zien dat het gebruik van de SeMaS niet leidde tot een hoger niveau van activatie of een verbetering in leefstijl maar wel tot meer zelfmonitoring en het gebruik van individuele zorgplannen stimuleerde.
Artikel mei 2016 British Journal of General Practice 2016: Effectiveness of personalised support for self-management in primary care: a cluster randomised controlled trial.

Training / opleiding zorgverlener gewenst

Voor praktijkondersteuners zijn een handleiding en een training ontwikkeld om hen te leren hoe ze de patiëntprofielen kunnen interpreteren en er samen met de patiënt mee aan de slag kunnen gaan.
Scholing: … een training ‘Self Management Screening voor beginners’, verzorgd door Nathalie Eikelenboom, interpreteren van patiëntenprofielen en hoe samen met de patiënt mee aan de slag (uitleg en rollenspellen).

Vorm

Vragenlijst

Waar te vinden?

Vragenlijst: SeMaS_vragenlijst def
Handleiding: SeMaS_Handleiding_def

Contactpersoon

SeMaS is in  samenwerking ontwikkeld door onderzoeksafdeling IQ healthcare van RadboudUMC en de Zorggroep De Ondernemende Huisarts (DOH), met in de stuurgroep betrokkenheid van CZ en VGZ, Philips, Frank Verhulst (Doen en blijven doen) en Vilans.

Contactpersoon: Nathalie Eikelenboom

Organisaties die werken met methode / instrument

Zorggroep De Ondernemende Huisarts: bij patiënten met een chronische aandoening (diabetes, COPD, astma, CVRM)
Artikel: Persoonsgerichte zorg hoog op agenda DOH Zorggroep
Zorgorganisatie Eerste Lijn (ZEL): bij patiënten met  COPD en Diabetes

Voorbeelden, succes- en faalfactoren uit de praktijk

Projectbeschrijving: SeMaS: een screeningsinstrument voor zelfmanagement
Artikel: Zelfmanagement op maat
Artikel: SeMaS biedt inzicht in zelfmanagementvaardigheden

Datum van bijwerken /plaatsing instrument

Bijgewerkt: juli 2017 – informatie NIVEL inventarisatie meetinstrumenten zelfmanagementondersteuning 2017  toegevoegd

'vragenlijst'

Samenwerken aan gezondheid (PIH-NL)

Doel

Inzicht verkrijgen in zelfmanagementgedrag van de patiënt. Zorgdragen dat de patiënt de zorg krijgt die goed bij hem past. Zorgverlener en patiënt bepalen gezamenlijk op welk gebied van zelfmanagement er ondersteuning gewenst is. Door herhaling van de vragenlijst na een bepaalde periode kan de eventuele vooruitgang gemeten worden. Een vragenlijst die zorgverleners en patiënten ondersteunt bij het in gang zetten en uitvoeren van zelfmanagement.

Toelichting instrument

Samen werken aan gezondheid is een vertaling van de Partners in Health Scale (PIH). De vragenlijst bestaat uit twaalf items die (domeinen van) zelfmanagement meten. De 12 items zijn onder te verdelen zijn in 4 schalen: kennis, omgaan met de gevolgen van een chronische ziekte, actieve rol in het consult en de mate waarin iemand in staat is zelf thuis klachten en symptomen te monitoren. Het geeft aan waar de sterke en zwakke punten van een persoon zitten op het gebied van zelfmanagement en waar dus ondersteuning en begeleiding nodig is. Op basis van de scores op de lijst wordt een aandachtspunt gekozen voor behandeling en op dit gebied worden persoonlijke doelen gesteld.

  • Hoe in de praktijk te gebruiken:
    De patiënt geeft op een 8-punts schaal ‘weinig tot veel’ aan wat het beste bij hem past. De vragenlijst wordt ingevuld voorafgaand aan het consult en later besproken.
  • Score/uitkomst:
    Een hogere score geeft aan dat men meer aan zelfmanagement doet
  • Benodigde tijd:
    Invullen vragenlijst: 5-10 minuten

Doelgroep(en)

Generiek
Volwassenen

Validatie en effectiviteit

De oorspronkelijke vragenlijst is gevalideerd en betrouwbaar.
Meer informatie: The internal consistency and construct validity of the partners in health scale: validation of a patient rated chronic condition self-management measure.

Tot nu toe is de vragenlijst in Nederland vooral gebruikt om de mate van zelfmanagementvaardigheden (zoals gepercipieerd door de patiënt) in kaart te brengen en minder als middel in de praktijk om de focus van zelfmanagementondersteuning te bepalen.

Recent (2016)  is de lijst gevalideerd voor gebruik bij patënten met COPD.
Zie artikel aug 2016: Construct Validity of the Dutch Version of the 12-Item Partners in Health Scale: Measuring Patient Self-Management Behaviour and Knowledge in Patients with Chronic Obstructive Pulmonary Disease

Training / opleiding zorgverlener gewenst

Instrument direct inzetbaar

Vorm

Vragenlijst

Waar te vinden?

Vragenlijst Samenwerken aan gezondheid _PIH-NL

Kosten instrument

Gratis

Ontwikkeld door /contactpersoon

Van oorsprong Australische vragenlijst wordt gebruikt in het ‘Flinders Programm of Chronic Care Self Management’ (CCSM) van de Flinders Human Behaviour & Health Research Unit. Dit programma bevat een set van generieke tools om zorgverleners en patiënten te ondersteunen bij het in gang zetten en uitvoeren van zelfmanagement. De vragenlijst is bedoeld om te kijken hoe iemand tegen zelfmanagement aankijkt. Daarna volgen instrumenten die helpen bij o.a. gezamenlijke doelen stellen, persoonlijke actieplannen, etc. Binnen dit programma is veel ervaring opgedaan met ondersteuning van mensen met een chronische ziekte bij hun zelfmanagement en  het bieden van zorg op maat.

De vragenlijst is vertaald en aangepast aan de Nederlandse situatie door medewerkers van het CBO en Vilans binnen het Landelijk Actieprogramma Zelfmanagement NPCF-CBO (LAZ).

Organisaties die werken met methode / instrument

Niet bekend

Voorbeelden, succes- en faalfactoren uit de praktijk

Niet bekend

Datum van bijwerken /plaatsing instrument

Bijgewerkt juli 2017: met informatie NIVEL ‘Inventarisatie meetinstrumenten zelfmanagementondersteuning’

'vragenlijst'

PAM (Patiënt Activation Measure)

Doel

De PAM (Patiënt Activation Measure) meet kennis, vaardigheden en vertrouwen in het kunnen managen van de eigen gezondheid of ziekte. De PAM is bedoeld om meer zicht te krijgen hoe en in welke mate de patiënt zelf van mening is dat hij in staat is om zijn gezondheid te verbeteren.

Toelichting instrument

De vragenlijst telt dertien uitspraken waarbij mensen op een vijfpuntsschaal moeten aangeven in hoeverre ze het eens zijn met deze uitspraken.

  • Hoe in de praktijk te gebruiken:
    Patiënt uitnodigen om de vragenlijst in te vullen voorafgaand aan een consult. De huisarts / praktijkondersteuner kan op basis van de ingevulde vragenlijst het eerstvolgende consult voorbereiden.
  • Score/uitkomst:
    Op basis van de score op de PAM kunnen mensen worden ingedeeld in één van vier oplopende niveaus: van meer passieve patiënten die nauwelijks eigen regie ervaren (PAM 1) tot en met actieve patiënten die naar eigen zeggen hun ziekte en zorg goed kunnen en willen managen (PAM 4).
  • Benodigde tijd:
    Invullen van de vragenlijst 5 minuten / bespreking van de vragenlijst in een consult – 20 min

Aan het instrument is een gevalideerde interventie gekoppeld die zelfmanagementondersteuning op maat biedt afhankelijk van de score van een patiënt op de PAM. Zowel de PAM zelf als de interventie zijn niet vrij te gebruiken. Een licentie dient aangevraagd te worden bij Insignia Health. Hieraan zijn kosten verbonden.

Op basis van een totaalscore die loopt van 1 tot 100 kunnen mensen ingedeeld worden in vier niveaus van activatie. van meer passieve patiënten die nauwelijks eigen regie ervaren (PAM 1) tot en met actieve patiënten die naar eigen zeggen hun ziekte en zorg goed kunnen en willen managen (PAM 4). Hoe hoger het niveau –  hoe beter een persoon in staat is tot zelfmanagement.

Afhankelijk van het niveau van activatie wordt op een andere manier zelfmanagementondersteuning ingezet. Op niveau 1 zal dat vooral zijn om een patiënt te motiveren en te overtuigen van het belang van zelfmanagement, niveau twee richt zich op het aanbieden van kennis en leren van vaardigheden; op niveau drie wordt geleerd vaardigheden met stapjes in de praktijk te brengen en op niveau 4, waar patiënten goed in staat zijn tot zelfmanagement, wordt geleerd zelfmanagement ook vol te houden in moeilijke tijden, bijvoorbeeld bij achteruitgang in gezondheid.

Doelgroep(en)

Generiek
Volwassenen

Validatie en effectiviteit

Theoretische / wetenschappelijke onderbouwing (achtergrond-informatie over ontwikkeling, basisconcepten en theorieën):

  • Gebaseerd op literatuur en interventieonderzoek;
  • ervaringen uit de praktijk;
  • gesprekken met patiënten.

Gevalideerd voor toepassing onder de Nederlandse bevolking, valide en betrouwbaar. PAM is vertaald in het Nederlands. De betrouwbaarheid en validiteit is goed. Onderzoek heeft aangetoond dat ondersteuning op maat, aansluitend bij de activatieniveaus leidt tot minder zorggebruik, daling in zorg gerelateerde kosten  en beter zelfmanagement bij mensen met diabetes en hart- en vaatziekten. Door ondersteuning op maat kunnen mensen ook groeien in hun rol als zelfmanager en van een lager niveau naar een hoger niveau gaan.

De PAM is in Nederland gebruikt als uitkomstmaat, bijvoorbeeld bij interventies waar de SEMAS werd ingezet om tot doelgroepsegmentatie te komen. Er zijn geen bestaande interventies bekend in Nederland voor zorg op maat waarbij de PAM wordt gebruikt om doelgroepen te onderscheiden. Wel is een dergelijke interventie in ontwikkeling voor mensen met diabetes (Astra Zeneca/ NIVEL).

Meer informatie: Artikel: BMC Public Health
Insignia Health

Training / opleiding zorgverlener gewenst

Instructie is gewenst

Vorm

Vragenlijst

Waar te vinden?

Via Insignia Health

Kosten instrument

Aan de licentie zijn kosten verbonden (via Insignia).

Ontwikkeld door /contactpersoon

J. Rademakers, J. Nijman, L. van der Hoek, L.M. Heijmans en M. Rijke
De PAM is oorspronkelijk ontwikkeld door Judith Hibbard en vertaald en gevalideerd voor Nederland door het NIVEL (Prof. Jany Rademakers).

Organisaties die werken met methode / instrument

Zorggroep Dokterscoop

De PAM wordt in veel landen gebruikt om het niveau van patëntactivatie in kaart te brengen en de laatste jaren ook om interventies te ontwikkelen waarin zelfmanagementondersteuning wordt aangepast aan het niveau van zelfmanagementvaardigheden van een patiënt.

Voorbeelden, succes- en faalfactoren uit de praktijk

Rapport Nivel 2013: Minder zelfmanagementvaardigheden, dus meer zorggebruik?
Zie ook: blz 45-46: Meerwaarde van de PAM

Minder zelfmanagement leidt tot meer zorggebruik.
‘Diabetespatiënten die moeite hebben met ‘zelfmanagement’ gebruiken tussen de 1500 en 2000 euro per jaar meer aan zorg……’ lees meer

 

Datum van bijwerken /plaatsing instrument

Bijgewerkt juli 2017: met informatie NIVEL ‘Inventarisatie meetinstrumenten zelfmanagementondersteuning’