Berichten

patientprofiel

Predictiemodel voor risico op overgewicht en hart-vaatziekten bij kinderen (in ontwikkeling)

Doel

Instrument om 0-6- jarige kinderen te identificeren met een verhoogd risico op overgewicht en cardiometabole risicofactoren

Toelichting instrument

Ontwikkeling en pilot implementatie van dynamische screeningsinstrumenten die 0-6- jarige kinderen identificeren met een verhoogd risico op overgewicht en cardiometabole risicofactoren. Daarnaast ontwikkeling screeningsinstrumenten om (pre-)hypertensie en een laag HDL-cholesterol op efficiënte wijze op te sporen op 5 tot 6- en op 10-jarige leeftijd (vaste contactmomenten in de jeugdgezondheidszorg).

De instrumenten kunnen ingebouwd worden in het digitaal kinddossier van de jeugdgezondheidszorg. Door herhaalde dynamische risicoschattingen, mede gebaseerd op BMIveranderingen, is een innovatie mogelijk van de preventie van overgewicht en gerelateerde cardiometabole ziekten.

Doelgroep(en)

Kinderen 0-6 jaar met verhoogd risico op overgewicht en cardiometabole risicofactoren.

Validatie en effectiviteit

Nog in ontwikkeling.

Training / opleiding zorgverlener gewenst

Vorm

Waar te vinden?

Kosten instrument

Ontwikkeld door /contactpersoon

Contactpersoon VUmc: Martijn Heymans of Jos Twisk

Het maakt  onderdeel uit van het door ZonMw gefinancierde project ‘Targeted primary prevention of overweight and cardiometabolic risk using dynamic risk assessments from infancy onward in Child Health Care (PROCOR)‘ project. Project loopt tot december 2018.

Organisaties die werken met methode / instrument

Nvt

Voorbeelden, succes- en faalfactoren uit de praktijk

Nvt

Datum van bijwerken /plaatsing instrument

Bijgewerkt juli 2017: met informatie NIVEL ‘Inventarisatie meetinstrumenten zelfmanagementondersteuning’

patientprofiel

Brand Strategie Research-Model

Doel

Doelgroepsegmentatie in 8 profielen vindt plaats samen met zorgverleners via het Brand Strategie Research-model (BSR). Het BSR-model verkent en structureert de achterliggende waarden, behoeften en motieven en daaruit voortkomend gedrag van mensen binnen een bepaald domein van de zorg;

Toelichting instrument

8 profielen die variëren op twee dimensies: Extravert- Introvert en Ik-gericht -Wij gericht.

  1. Ontkennend. Geloven ineen wonder; gaan over grenzen
  2. Optimistisch; delen van leed; ongecompliceerd; gebruik maken van anderen;
  3. Weinig verwachtingen, overgave aan afhankelijkheid, wil graag ergens bij horen;
  4. Bescheidenheid; wil anderen niet lastig vallen; kiest voor bekende
  5. Angstig, verlies van zelfcontrole, preventief
  6. Kritisch, zoveel mogelijk informatie, bang voor verlies identiteit
  7. Leidend; bepaalt zelf; verwacht state-of-the-art. Klant is koning
  8. Pragmatisch. Gaat op zoek naar oplossing om onafhankelijk te blijven. Laat zich niet beperken.

Voor zorgverlener herkenbare profielen van patiënten die variëren op:

  • mate waarin patienten zelf op zoek gaan naar ondersteuning
  • mate waarin zij behoefte hebben aan professionele ondersteuning
  • mate waarin ze behoefte hebben aan ondersteuning eigen sociale omgeving.

Geven daarnaast inzicht in persoonlijke situatie, hoe mensen omgaan met zorg, wat grootste frustraties en valkuilen zijn. Op basis van zorgbehoeften wordt passend zorgaanbod gedaan.

Doelgroep(en)

COPD
Diabetes
Hart- en vaatziekten

Validatie en effectiviteit

Gevalideerd in het buitenland.
Mate van validatie binnen de zorg hier in Nederland op basis van beschikbare gegevens is onduidelijk.

Training / opleiding zorgverlener gewenst

Vorm

Branddoctors Mixe introduceert het model binnen een organisatie en legt de 8 profielen uit. Patiënten worden ingedeeld op basis van eerdere ervaringen met de patiënt en eventueel aanvullende vragen tijdens een consult die door Mixe worden geleverd. Het gaat er om dat patiënten voor zorgverleners in herkenbare groepen kunnen worden verdeeld die specifieke aandacht, zorg en begeleiding nodig hebben. Gegeven de profielen werken zorgverleners samen met Mixe zorgpaden uit.

Waar te vinden?

Website SAMR

Kosten instrument

Ontwikkeld door /contactpersoon

Ontwikkeld door: Smartagent Compagny

Het BSR model is wereldwijd gebruikt en gevalideerd en in Nederland door Mixe toegepast op de zorg, gebaseerd op bestaande info en ervaringen van patiënten en zorgverleners; identificatie van kritieke momenten per profiel waar ondersteuning nodig is en waar dus ook zelfzorg kan worden toegepast.
Centraal in deze methodiek is dat segmentatie vindt plaats door zorgverleners waardoor zij gaan werken met voor hen herkenbare profielen.

Organisaties die werken met methode / instrument

Voorbeelden, succes- en faalfactoren uit de praktijk

Datum van bijwerken /plaatsing instrument

Bijgewerkt juli 2017: met informatie NIVEL ‘Inventarisatie meetinstrumenten zelfmanagementondersteuning’

vragenlijst

ZorgMentality

Doel

Mentality model: geeft inzicht in de waarden van Nederlandse burgers en hoe deze waarden keuzes beïnvloeden.

Toelichting instrument

Het Mentality-model is een segmentatietool waarmee organisaties doelgroepen gerichter kunnen definiëren en beter kunnen begrijpen. Als input voor marketing en communicatiestrategieën.

Het model onderscheidt de Nederlandse samenleving in acht groepen burgers (mentality milieus) die overeenkomen  ten aanzien van waarden en wensen over maatschappelijke kwesties, werk, vrije tijd, consumeren, politiek en ouder worden.

De 8 typen zorg cliënten die onder te verdelen zijn in 3 clusters zorgconsumenten:

  • A) de minder zelfredzame zorgconsument. Hieronder vallen de volgzame, consumptiegerichte en gemaksgerichte  zorgcliënten;
  • B) de pragmatische zorgconsument waaronder vallen de luxegerichte, resultaatgerichte, kwaliteitsgerichte en eigenzinnige zorgcliënt;
  • C) de maatschappij kritische zorgconsument;

Per type zorgconsument wordt een beschrijving gegeven naar dagelijks leven/ belevingswereld, hoe men omgaat met gezondheid, het zorggebruik, de arbeidsmarkt en houding tan aanzien van ICT. Groepen of clusters worden gekoppeld aan persuasion tactics. Lijst van 17 tactics waarvan de relevantie wisselt per cluster.

Doelgroep(en)

Generiek
Aanvankelijk niet specifiek gericht op chronisch zieken maar op de algemene bevolking van 18 jaar en ouder;

Validatie en effectiviteit

De laatste jaren is aangetoond dat met een consistente en praktisch bruikbare segmentatie te maken is van de Nederlandse bevolking op basis van sociale milieus die een levenshouding en waardeoriëntatie delen.
Wordt momenteel (2016) gevalideerd voor chronisch zieken en mensen met psychische klachten.

Training / opleiding zorgverlener gewenst

Vorm

Lijst van 60 stellingen; schriftelijke afname thuis; Eigendom van Motivaction. Sinds 1998 wordt de lijst iedere twee jaar afgenomen.
Mentality-test: Individuen kunnen een individuele vragenlijst invullen waarna zij een persoonlijk ‘mentality’-profiel toegestuurd krijgen.

Waar te vinden?

Website: Motivaction

Kosten instrument

De vragenlijst en de voor de test ontwikkelde vraagstellingen vormen één geheel en zijn, net als het Mentality-model, eigendom van Motivaction. Het is derden niet toegestaan om de Mentality-vragenlijst (waaronder ook wordt verstaan individuele vraagstellingen) of het model te gebruiken voor interne of externe doeleinden zonder SCHRIFTELIJKE toestemming van Motivaction.

Ontwikkeld door /contactpersoon

Ontwikkelaar: Motivaction
Contactpersoon: Marcel Voorn / Fenneke Vegter: telefoon 020 58 98 883 of moti@motivaction.nl

Gebaseerd op Mentality, een onderzoeksmodel dat mensen groepeert naar hun levensinstelling en persoonlijke waarden. Het model is op eigen initiatief door onderzoeksbureau Motivaction ontwikkeld. Het terugbrengen van 8 typen zorgconsulenten naar 3 clusters komt voort uit onderzoek van Motivaction in opdracht van VWS: De zorgklant van morgen, wensen en behoeften in een veranderende samenleving (2005).

Organisaties die werken met methode / instrument

Voorbeelden, succes- en faalfactoren uit de praktijk

Wat werkt bij wie? Een doelgroepbenadering bij innovaties in zorg en preventie (Motivaction-Utrecht 2009)

Datum van bijwerken /plaatsing instrument

Bijgewerkt juli 2017: met informatie NIVEL ‘Inventarisatie meetinstrumenten zelfmanagementondersteuning’

methode

Gedeelde besluitvorming – artikel (2015)

Doel

In het artikel worden de principes van gedeelde besluitvorming (gezamenlijke besluitvorming) besproken. Ook geven de auteurs praktische tips voor de toepassing ervan.

Toelichting instrument

Het toepassen van de principes van gedeelde besluitvorming is in de praktijk niet zo eenvoudig. Zorgverleners denken vaak dat ze gedeelde besluitvorming toepassen, maar in veel gevallen ervaren patiënten dit niet zo. In het artikel ‘Gedeelde besluitvorming’ wordt een model voor gedeelde besluitvorming beschreven. Zowel voor enkelvoudige keuzes als meer complexe beslissingen. De auteurs onderscheiden 7 stappen die bedoeld zijn om een duidelijke structuur aan het gesprek te geven. Ook geven zij praktische tips en voorbeeldvragen.

  • Wat is gedeelde besluitvorming en wat levert het op?
  • Hoe pas ik gedeelde besluitvorming toe?
  • Welke competenties zijn nodig?
  • Welke hulpmiddelen zijn er?

Doelgroep(en)

Zorgverleners
Beleidsmakers

Validatie en effectiviteit

n.v.t.

Training / opleiding zorgverlener gewenst

N.v.t.

Vorm

Artikel

Waar te vinden?

Gedeelde besluitvorming. Ruth Pel-Littel en Haske van Veenendaal; Artikel uit Bijblijven, het nascholingstijdschrift voor huisartsen. © Bohn Stafleu van Loghum 2015. Published online: 29 September 2015.

Kosten instrument

Gratis

Ontwikkeld door /contactpersoon

Drs. R. Pel-Littel en Drs. H. van Veenendaal

Organisaties die werken met methode / instrument

Niet bekend

Voorbeelden, succes- en faalfactoren uit de praktijk

Niet bekend

 

Datum van bijwerken /plaatsing instrument

Bijwerken: maart 2016

methode

Pilot Leefstijlcoaching, individuele begeleiding en groepsbegeleiding

Doel

Een driejarige proef / pilot waarbij patiënten leefstijlcoaching krijgen aangeboden om chronische ziekten te voorkomen of te stabiliseren. De leefstijlcoach komt in beeld wanneer leefstijladviezen niet voldoende blijken en intensievere begeleiding nodig is.

Toelichting

Patiënten met (een hoog risico op) een chronische aandoening (diabetes, hart- en vaatziekten en obesitas) gerelateerd aan de leefstijl die extra begeleiding krijgen op het gebied van beweging en voeding. Het programma bestaat uit 8 groeps- en 4 individuele bijeenkomsten in een tijdsbestek van 32 weken (de groepsbijeenkomsten bestaan uit 10 – 12 personen en duren 1,5 uur). De aanpak is gericht op het stapsgewijs aanpassen van het leefpatroon en is gericht op een duurzamere verandering van gedrag en leefstijl. Deelnemers die hiermee niet voldoende geholpen zijn krijgen extra individuele sessies met de leefstijlcoach. De leefstijlcoach zal tevens een belangrijke rol spelen in de verbinding met het gemeentelijk sport- en beweegaanbod.

Doelgroep(en)

Diabetes type 2;
Hart-en vaatziekten;
Obesitas

Validatie en effectiviteit

De Academie voor Leefstijl en Gezondheid (AVLEG) en zorgverzekeraar CZ zijn deze driejarige proef in februari 2014 gestart. De pilot wordt wetenschappelijk geëvalueerd door o.a. Universiteit Maastricht. Naar aanleiding van de resultaten besluit de Nederlandse Zorg Autoriteit (NZA) of leefstijlcoaching een vaste plek krijgt in de basisverzekering.

De doelstelling van deze studie is om de implementatie van de HBO-opgeleide leefstijlcoach als regievoerder binnen de Gecombineerde Leefstijlinterventie te monitoren in termen van proces (instroom, kwaliteit, barrières, compliance, competenties, patiënttevredenheid) en effect (motivatieverandering, gedragsverandering, verandering in lichaamssamenstelling, kwaliteit van leven).

Training / opleiding zorgverlener gewenst

Opleiding tot leefstijlcoach gewenst.

Vorm

Pilot in drie regio’s

Waar te vinden?

Kosten instrument

Niet bekend

Ontwikkeld door /contactpersoon

De Academie voor Leefstijl en Gezondheid (AVLEG) en zorgverzekeraar CZ.

Organisaties die werken met methode / instrument

In de regio Oosterhout (Zorggroep ZORROO) en Parkstad (Zorggroep HOZL) richt de leefstijlcoach zich op volwassenen met (een hoog risico op) chronische aandoeningen. In Den Bosch richt de leefstijlcoach zich op kinderen tot 18 jaar met fors overgewicht en obesitas.

Voorbeelden, succes- en faalfactoren uit de praktijk

Niet bekend.

 

Datum van bijwerken /plaatsing instrument

Bijwerken: maart 2016

communicatie

Motiverende gespreksvoering (MI)

Doel

Motiverende gespreksvoering (Motivational Interviewing, MI) is een directieve, maar cliëntgerichte methode om cliënten te helpen hun ambivalentie te overwinnen en hun intrinsieke motivatie te versterken, zodat zij in staat zijn hun gedrag te veranderen.

Toelichting instrument

  • Motiverende gespreksvoering is ontwikkeld voor het gebruik bij individuele cliënten. Het is een gidsende en doelgerichte gespreksstijl, waarbij de patiënt centraal staat en vanuit samenwerking de intrinsieke motivatie voor verandering van gedrag wordt uitgedaagd en versterkt.
  • Technieken kenmerkend voor motiverende gespreksvoering: reflectief luisteren; omgaan met weerstand; agenda bepalen en toestemming vragen; uitlokken van verandertaal.
  • Het gehanteerde model geeft inzicht in het veranderingsproces en de ontwikkeling die een persoon doormaakt, voordat hij daadwerkelijk bereid is te veranderen. Zes stadia van het veranderingsproces: 1.Voorbeschouwing (precontemplatie); 2.Overpeinzing (contemplatie); 3.Besluitvorming (voorbereiding); 4.Actie; 5.Onderhoud (consolidatie); 6.Terugval

Doelgroep(en)

Zorgverleners

Validatie en effectiviteit

Gevalideerd en effectief

Training / opleiding zorgverlener gewenst

Scholing gewenst: Meerdaagse training gecombineerd met regelmatige herhaling en verdieping (borging). Supervisie, coaching on the job zijn goede interventies om de gespreksstijl meer eigen te maken en te borgen.

Vorm

Gespreksmethode

Waar te vinden?

  • Achtergrondinformatie / brochure over Motiverende gesprekstechnieken van Vilans, de principes en 10 praktische tips.
  • Wat werkt: Motiverende gespreksvoering? (Literatuur search: Ned Jeugd Instituut. C. Bartelink 2013)
  • Meer informatie over scholing: Mintmed: Vereniging van Nederlandstalige trainers in motiverende gespreksvoering
  • Handboek over MI in het Nederlands: Stephen Rollnick, William R. Miller, Christopher C. Butler (2009), Motiverende gespreksvoering in de gezondheidszorg, werken aan gedragsverandering als je maar 7 minuten hebt. Ekklesia. ISBN 9789075569476

Kosten instrument

N.v.t.

Ontwikkeld door /contactpersoon

Miller en Rollnick (2002)

Organisaties die werken met methode / instrument

Methode wordt in binnen diverse werkvelden toegepast, binnen zowel 1e lijn als 2e lijn.

Voorbeelden, succes- en faalfactoren uit de praktijk

 

Datum van bijwerken /plaatsing instrument

Bijwerken: februari 2016

methode

Generieke model Zelfmanagement

Doel

Een theoretisch raamwerk voor het bevorderen van zelfmanagement. Het model bevat de essenties van zelfmanagement en aan welke onderdelen aandacht kan worden besteed bij het werken aan zelfmanagement in de praktijk.

Toelichting instrument

Letterlijk centraal in zelfmanagement staat de mens met een chronische aandoening die samen met de zorgverlener vaststelt wat hij zelf kan en wil doen, welke doelen hij zich wil stellen. De kern van het model is dus de interactie tussen chronisch zieke en zorgverlener.

Het generiek model is weergegeven als een cirkel opgebouwd uit een kern en verschillende ringen. Elke omliggende ring bevat aspecten van zelfmanagement die met elkaar samenhangen, die kunnen inwerken op elkaar en op andere ringen en die van invloed zijn op de dynamiek tussen de chronisch zieke en de zorgverlener in de kern.

Doelgroep(en)

Zorgverleners

Validatie en effectiviteit

Niet bekend

Training / opleiding zorgverlener gewenst

Direct inzetbaar

Vorm

Model / Factsheet

Waar te vinden?

Kosten instrument

Gratis

Ontwikkeld door /contactpersoon

Ontwikkeld binnen het Landelijk actieprogramma Zelfmanagement (LAZ) door een multidisciplinaire groep van experts – patiënten(vertegenwoordigers), zorgverleners, onderzoekers, beleidsmakers, managers en CBO-adviseurs (2011).

Organisaties die werken met methode / instrument

Voorbeelden, succes- en faalfactoren uit de praktijk

 

Datum van bijwerken /plaatsing instrument

Bijwerken: februari 2016

methode

Drie fasen model

Doel

In het 3 fasen model krijgen zorgverleners per fase van het zorgverlenersproces handreikingen voor zelfmanagementondersteuning.

Toelichting instrument

Het drie fasen model heeft de volgende indeling: Voor, tijdens en na bezoek. Per fase worden aandachtspunten beschreven.

  • Fase 1: Voor het bezoek van de patiënt: gegevens verzamelen
  • Fase 2: Tijdens het bezoek van de patiënt: werken aan de hand van het 5A model
  • Fase 3: Na het bezoek van de patiënt: follow up

Doelgroep(en)

Zorgverleners

Validatie en effectiviteit

Niet bekend

Training / opleiding zorgverlener gewenst

Scholing gewenst m.b.t. gebruik 5A model

Vorm

Model

Waar te vinden?

3 fasen model

Kosten instrument

Gratis

Ontwikkeld door /contactpersoon

Ontwikkeld binnen het Landelijk Actieprogramma Zelfmanagement (LAZ) (2008-2012)

Organisaties die werken met methode / instrument

Niet bekend

Voorbeelden, succes- en faalfactoren uit de praktijk

Niet bekend

 

Datum van bijwerken /plaatsing instrument

Bijwerken: februari 2016

methode

5A model

Doel

Het 5A model is ontworpen om zorgverleners en zorgteams te helpen de zorg zodanig aan te passen dat zelfmanagementondersteuning integraal onderdeel is van de zorg voor chronisch zieken.

Toelichting instrument

  • Zelfmanagementondersteuning dient aandacht te besteden aan alle elementen van het leven met een chronische aandoening. Voor zorgverleners betekent dat zij aandacht geven aan drie gebieden:
    1. Leven met de ziekte; 2. Eigen aandeel in de zorg; 3. Organiseren zorg- en hulpbronnen;
  • Ondersteunen van zelfmanagement op een methodische manier kunnen vijf stappen gevolgd worden: Achterhalen, Adviseren, Afspreken, Assisteren en Arrangeren;
  • Het volgen van dit model resulteert in het individueel zorgplan. Deze beschrijft wat de patiënt gaat doen (het zelfmanagementdeel), en wat de zorgverlener gaat doen (het behandeldeel).

Doelgroep(en)

Zorgverleners

Validatie en effectiviteit

Niet bekend

Training / opleiding zorgverlener gewenst

Scholing gewenst

Vorm

Model

Waar te vinden?

Kosten instrument

Gratis

Ontwikkeld door /contactpersoon

In het Chronic Care Model is zelfmanagementondersteuning integraal onderdeel van de zorg voor chronisch zieken en worden 5 essentiële elementen van zelfmanagementondersteuning
beschreven. Het ‘Five A’s model of Self-management Support’ van Glasgow (2002) is vertaald in het 5A model. Het 5A model is opgenomen in de Zorgmodule Zelfmanagement.

Organisaties die werken met methode / instrument

Niet bekend

Voorbeelden, succes- en faalfactoren uit de praktijk

— (volgt)

 

Datum van bijwerken /plaatsing instrument

Bijwerken: februari 2016

methode

4-bollen model

Doel

Het 4-bollen model ondersteunt de patiënt en de professional bij het verkennen van het patiëntperspectief op de huidige en de gewenste situatie van de patiënt, het is een hulpmiddel om als zorgverlener samen met de patiënt doelen op te stellen.

Toelichting instrument

Het model ondersteunt de zorgverlener om de patiënt zijn verhaal te vertellen en kan bijdragen aan reflectie op de eigen situatie. Daarmee is het een opstap naar het stellen van persoonsgerichte doelen.  Met het model wordt situatie patiënt geexploreerd op 4 gebieden: Gezondheid omvat medische (lichamelijke en mentale) klachten die de patiënt ervaart/ zijn perceptie op wat belangrijk is voor zijn gezondheid en wat hij eventueel zou willen veranderen als het gaat om gezondheid; Activiteiten gaat over dagelijkse activiteiten, ervaart patiënt belemmeringen en waarvoor zijn oplossingen nodig? Mijn manier  handelt over manier waarop patiënt tot nu toe tot oplossingen komt en welke ondersteuning hij/zij nodig heeft; Mijn omgeving betreft ondersteuning die patiënt nodig heeft en ervaart van de (sociale en fysieke) omgeving.

Daarnaast moet rekening gehouden worden met de bereidheid en mogelijkheden van patiënten om doelen te bereiken. Hiervoor wordt het patiëntmodel ‘Van weerstand naar gezonde eigen regie’ met het Bloem/stalpers profiel als hulpmiddel gebruikt. Het patiëntmodel beschrijft vier patiëntprofielen, geeft handvatten voor bepaling van het patiëntprofiel en voor het aanpassen van de werkwijze van de zorgverlener op het type patiënt, inclusief het herkennen van weerstanden bij patiënten en zichzelf en deze functioneel om te buigen / in te zetten. Het is een vragenlijst van twintig vragen om eenvoudig en doeltreffend het patiëntprofiel van de patiënt te kunnen bepalen. De zorgverlener krijgt handvatten op basis van vragenlijst: wie is hij/zij, welk gedrag past hierbij, wat zijn de valkuilen, welke benadering en aanpak heeft de patiënt nodig om in beweging te komen en welk resultaat is te bereiken?

  • Hoe in de praktijk te gebruiken: Structuur van het gesprek – gezamenlijke besluitvorming:
    – Bespreken van het doel en wederzijdse verwachtingen
    – Exploreren van het verhaal van de patiënt
    – De patiënt informeren vanuit professioneel oogpunt
    – Samen doelen formuleren
    – Van doelen naar acties
    Het model wordt vooral gebruikt bij de stap van exploreren en doelen stellen.
  • Benodigde tijd:
    Zorgverlener voert het gesprek aan de hand van de 4-bollen in 1 of meerdere consulten, afhankelijk van de patiënt en diens situatie kan dit variëren.

Doelgroep(en)

Generiek
Volwassenen
Patiënten met 1 of meer chronische aandoeningen of complexe zorgvragen

Validatie en effectiviteit

Uit pilot onderzoeken (2016) blijkt dat de integratie van De Coachende zorgprofessional, patiëntprofielen, handreiking en het 4 bollenmodel een praktisch, plezierige, toepasbare manier van werken is met als resultaat behandelingen/doelen welke passen binnen de wensen/verwachtingen en (on) mogelijkheden van de patiënt en de medische wetenschap.
Het model ‘van weerstand naar gezonde regie’ is voortgekomen uit wetenschappelijk onderzoek van Bloem/Stalpers. De vragenlijst met twintig items is nog niet gevalideerd, maar wordt aan de hand van ervaringen uit de praktijk getoetst en bijgesteld (2016).

Training / opleiding zorgverlener gewenst

Scholing gewenst: zie o.a. De coachende praktijkondersteuner

Er is een training ontwikkeld voor huisartsen en POHers om handreiking, 4-bollenmodel en Bloem/Stalpers profiel toe te passen en zo tot ondersteuning op maat te komen met juiste coachende vaardigheden.

Vorm

Uit te printen op A3 of A4 formaat. Op de 4-bollen kunnen aantekeningen worden gemaakt.
A4 met overzicht van de 4-bollen met hulpvragen voor de zorgverlener.

Waar te vinden?

Ontwikkeld door /contactpersoon

Het4-bollen model is gebaseerd op de domeinen van de ‘International Classification of Funtioning, Disability and Health’ (ICF) een raamwerk voor gezondheid en menselijk functioneren, ontwikkeld door de World Health Organisation (WHO). De ICF-domeinen zijn vereenvoudigd en visueel weergegeven.

Organisaties die werken met methode / instrument

Zorggroep Cohesie
Bureau Dubois&vanRij

Voorbeelden, succes- en faalfactoren uit de praktijk

Citaten over het 4-bollen model van deelnemers van de  pilot studie.

Aanvullende informatie uit Nivel inventarisatie:

Door handreiking en het hulpmiddel 4-bollen model kunnen patiënt en zorgprofessional samen doelen stellen en keuzes maken binnen mogelijkheden en onmogelijkheden van een patiënt. Dit is echter niet voldoende! Motivatie om iets aan de doelstellingen te doen moet ook meegenomen worden!

Met behulp van Bloem/Stalpers profiel worden 4 typen patiënten onderscheiden op basis van huidig gedrag, gepercipieerde valkuilen en weerstanden zodat begeleiding/ sturing van de professional op maat kan worden geboden bij bereiken van doelen. Profiel is gebaseerd op twee variabelen: mate van veronderstelde controle en mate van acceptatie en staan los van andere determinanten als leeftijd, opleiding lage SES etc.

De 4 profielen zijn:

  • Type 1: zelfbewust – autonoom;
  • Type 2: zoekende;
  • Type 3: weerstand;
  • Type 4: weinig bereidwillig om.
    Het profiel bepaalt welke coachende vaardigheden nodig zijn.

 

Datum van bijwerken /plaatsing instrument

Bijgewerkt juli 2017: met informatie NIVEL ‘Inventarisatie meetinstrumenten zelfmanagementondersteuning’